Informatie
pagina betonrot, Kwaaitaal en Manta vloeren.
Chlorideschade in Kwaaitaal- of Manta-vloer
In de jaren
zeventig zijn er veel woningen gebouwd. De vraag naar
woningen was groter dan het aanbod. Er werd door de
bouwwereld toen voortdurend gezocht naar snellere productie-
en bouwmethoden. Het fabriceren van complete onderdelen in
de fabriek nam steeds grotere vorm aan. De fabrieken konden
de vraag naar complete wanden, vloeren, dakplaten enz.
nauwelijks bijbenen. Daarom is toen bij de productie van
betonnen elementen naar het product calciumchloride
gegrepen. Door die vlokachtige stof in het water op te
lossen en door het beton te mengen, wordt het beton veel
sneller hard en dat is voor een betonfabriek zeer
interessant.
Normaal wordt er in een prefab beton fabriek iedere dag een
product gemaakt in een mal. Door de toepassing van
calciumchloride in het mengsel is het mogelijk om 's morgens
een product te storten en dat product om ca 15.00 uur er uit
te halen. De mal wordt dan schoon gemaakt en dan wordt er in
de namiddag nog een product gestort in diezelfde mal. Dat
product wordt dan de volgende ochtend uit de mal gehaald.
Hierdoor is het mogelijk om twee producten per dag in een
mal te maken, dus in feite een verdubbeling van de
productie. In producten, die s'avonds en het hele weekend in
de mal konden blijven, is de calciumchloride niet
toegevoegd.
Normaal
gesproken zal de wapening in beton niet gaan roesten doordat
het cement in het beton de wapening een soort van
beschermingslaag geeft, de zogenaamde passiveringslaag. Zo
lang deze laag in tact blijft kan de wapening niet gaan
roesten. De belangrijkste factoren waardoor die
passiveringslaag wordt aangetast zijn: de aanwezigheid van
een te hoog gehalte aan chloriden en door het verzuren van
beton ofwel carbonatatie, met een duur woord:
Calciumchloride
Calciumchloride is voor het beton zelf niet schadelijk. Voor
de wapening in dat beton is het echter funest, indien er
meer dan een bepaalde hoeveelheid in het beton zit. Deze
wapening gaat roesten als er voldoende zuurstof en vocht
bijkomt. Beide stoffen zijn noodzakelijk voor het
corrosieproces. Als er geen zuurstof is zal er geen corrosie
plaats vinden, zoals bij beton dat voortdurend nat blijft
onder water. Als er geen water is zal er ook geen corrosie
plaats vinden, zoals bij het beton dat voortdurend droog
blijft in een binnenmilieu. In de kruipruimte is zowel vocht
als zuurstof, en dus ideale omstandigheden voor het
corrosieproces. Dit geldt vooral als er een te hoog gehalte
aan (calcium)chloride in het beton aanwezig is.
Carbonatatie
Naast de
aantasting door die (calcium)chloride is er nog een
belangrijke oorzaak waardoor de wapening in het beton kan
gaan roesten. Dat is door de inwerking van lucht. Deze
aantasting wordt carbonatatie genoemd. Daarop gaan we hier
niet verder op in, omdat dat proces in de kruipruimte in
veel mindere mate voorkomt.
Bij zowel de productie van Kwaaitaal en Manta elementen is
er alleen calciumchloride toegepast als de verhardingstijd
van bepaalde producten versneld moest worden in verband met
de levering. Als er genoeg mallen waren of de producten
konden het weekend in de mal blijven dan werd die stof niet
toegevoegd. Daarom komen we in dezelfde woning of in
hetzelfde blok soms sterke verschillen tegen in aantallen
vloerelementen met schade.
De wapening zit in het beton om de trekkrachten op te nemen.
Die trekkrachten treden veelal onder in de systeemvloer op,
daarom bevindt zich daar dan ook de meeste wapening. Als die
wapening wegroest worden de trekkrachten niet opgenomen en
kan de vloer bezwijken.
De toevoeging van chloriden is momenteel nog maar tot een
minimale hoeveelheid toegestaan. Tot 1974 was er 2 %
toegestaan, nu nog maar 0,3 % op cementbasis. Uit recente
onderzoeken is gebleken dat dat percentage iets hoger mag
zijn als het beton een hogere dichtheid heeft. Maar over het
algemeen is het beton van de Kwaaitaal elementen niet echt
hoogwaardig, waardoor de beperkte hoeveelheid chloriden in
veel gevallen al overeenkomt met de maximale waarde.
De chlorideschade kenmerkt zich in eerste instantie door
roestvlekken op het betonoppervlak. Op dat moment is de
wapening vaak al ernstig gecorrodeerd. In de volgende fase
scheurt het beton van de vloerelementen in de ribben en
nadien wordt de gehele betondekking van de wapening
afgedrukt. Naarmate de schade verder vordert zal het
corrosieproces sneller gaan verlopen, omdat zuurstof en
vocht nog eenvoudiger bij de wapening kan komen.
Door de corrosie neemt de diameter van de wapening af. Een
sterke reductie van de staafdiameter kan ernstige gevolgen
hebben voor de veiligheid van de gebruiker. Zeker indien
stootbelastingen op de vloer terechtkomen kan een
gevaarlijke situatie ontstaan. Bij een dergelijke belasting
kan de vloer plotseling bezwijken.
Boogwerking
De
boogwerking, die wel eens aangehaald wordt als zijnde het
fenomeen waarop de vloer moet blijven hangen, kan alleen
werken als de overspanning niet te groot is ten opzichte van
de dikte van de vloer en van de opsluiting van de vloer aan
de uiteinden. Als in metselwerk bogen of lateien worden
gemetseld, moeten de einden van de boog voldoende massa zijn
om de ontstane spatkrachten op te vangen en af te voeren.
Vloeren moeten in dat geval eveneens goed opgesloten zitten
en maar al te vaak is het vulbeton op de vloer en tussen de
koppen van een niet al te beste kwaliteit. In de
dwarsrichting treedt er eveneens een boogwerking op, daarop
is het systeem ontworpen. Deze functioneert goed omdat de
elementen naast elkaar liggen en door de hoogte van ongeveer
18 cm ten opzichte van de breedte van 50 cm een goede
verhouding geeft.
Wilt
u meer informatie bel gerust 078-6849750 of
maak online uw afspraak. |